Twee voormalig leden van motorclub Satudarah hebben dinsdag bij de bestuursrechter in Utrecht aangevochten dat zij geen vertrouwensfunctie bij Defensie meer mogen vervullen. Het gaat om twee broers uit Tiel, 40 en 43 jaar oud, die beiden al meer dan twintig jaar als militair werkzaam zijn en veelvuldig aan buitenlandse missies hebben deelgenomen.

Beiden waren sinds 2010 lid van Satudarah, een motorclub die in 2018 door de rechter verboden is verklaard wegens criminele activiteiten en het daarmee gepaard gaande gevaar voor de openbare orde. Ook bekende motorclubs als Hells Angels en No Surrender zijn om gelijkluidende redenen verboden verklaard.

Een van de twee broers was ‘president’ van de afdeling (‘chapter’) Nijmegen van Satudarah. In 2019, een jaar na de verbodsverklaring, trok Defensie de zogeheten verklaring van geen bezwaar (VGB) voor het vervullen van een vertrouwensfunctie van beide broers in. In de jaren daarvoor, zeggen zij, zijn zij moeiteloos door reguliere screenings gekomen en was hun lidmaatschap van Satudarah bekend. Hun commandanten waren altijd op de hoogte, zeiden zij dinsdag tegen de bestuursrechter. Defensie zegt dat zij als militair altijd goed hebben gefunctioneerd.

Waar Defensie Satudarah ziet als een club met “een gesloten organisatie met een gewelddadige cultuur, een militair karakter en een strikte zwijgplicht”, was hij voor de beide broers “iets moois en gezelligs, verbonden met de Molukse cultuur”. Zij zijn van Molukse origine. Volgens hun advocaat Michael Ruperti stond de Nijmeegse afdeling van Satudarah bekend als rustig. De niet verbroken banden met leden van Satudarah betreffen vaak familiebanden. “Molukse families zijn groot” aldus de raadsman.

Namens Defensie betoogde de landsadvocaat dat is gebleken dat er ten aanzien van de broers “veiligheidsrisico’s” bestaan, omdat zij nog altijd “niet definitief afstand hebben genomen van Satudarah”. Dat het lidmaatschap bij eerdere screening geen probleem was, is volgens de advocaat niet verwonderlijk. “De wereld is veranderd”, zei zij, toen justitie de motorclubs actief ging bestrijden en zij verboden werden verklaard.

In de zaak van de Tielse broers doet de bestuursrechter over uiterlijk zes weken uitspraak.

Volgens advocaat Ruperti spelen er momenteel meerdere zaken die draaien om het intrekken van de VGB bij militairen wegens banden met motorclubs. Binnenkort buigt de Raad van State zich over de zaak van een militair die in 2019 op non-actief werd gesteld wegens zijn lidmaatschap van de Veterans, een motorclub die niet verboden is verklaard.

Het bericht Voormalig leden motorclub vechten maatregel Defensie aan verscheen eerst op Nieuws.nl.

Door

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *